Thema’s

Alle thema’s waarin WaLTER adviseert.

overzicht

Tools

Alle tools die WaLTER heeft ontwikkeld.

overzicht

Publicaties

Alle publicaties die door WaLTER zijn uitgebracht.

overzicht

Over WaLTER

Alle informatie over het project en de partners.

overzicht
Achtergrond Informatiebehoefte Huidige monitoring Walter analyse Walter advies Referenties Bijlagen
 

Achtergrond

Onderdeel van Toerisme

 
 

Belang toerisme

Het waddengebied is een van de aantrekkelijkste toeristische gebieden van Nederland. Natuur speelt daarin een belangrijke rol. Het aantal door toeristen in het Nederlandse waddengebied doorgebrachte nachten fluctueerde in de periode 1998-2009 tussen 3,9 en 4,2 miljoen (Sijtsma et al. in press). De aanwijzing van het gebied als UNESCO werelderfgoed in 2009 lijkt in recente jaren een toename te hebben bewerkstelligd (Sijtsma et al. 2014). Vooral de eilanden trekken ieder jaar veel bezoekers. De overwegend rurale vastelandskust heeft een bescheiden toeristische sector, geconcentreerd in Den Helder, Harlingen en Delfzijl, naast de gemeenten Wûnseradiel (IJsselmeer) en de Marne (Lauwersmeer).

Verschillende factoren zijn van invloed op de aantallen bezoekers per deelgebied. Belangrijk zijn de bereikbaarheid en de kosten voor vervoer naar en van de bestemming (Daams & Sijtsma in prep.; Vugteveen et al. 2014a). Texel, het meest westelijke en populairste eiland, is goed bereikbaar vanaf het vasteland. De overtocht duurt 20 minuten en de kosten zijn relatief laag. Bij Vlieland en Terschelling, de meest afgelegen eilanden, duurt een overtocht met de sneldienst 45 minuten en met de reguliere veerboten circa twee uur wat gepaard gaat met hogere reiskosten. Daarnaast verschilt het achterland van verschillende deelgebieden. Zo heeft Texel, door de nabijheid van steden in het westen van Nederland, een groter verzorgingsgebied dan het meest oostelijke bewoonde eiland, Schiermonnikoog.

Voorts is er sprake van concurrentie om bezoekers tussen het waddengebied en andere toeristische gebieden in Nederland, bijvoorbeeld de Veluwe, en het buitenland, zoals het Duitse Oostzeegebied. Buitenlandse toeristen, vooral op de eilanden, zijn vaak van Duitse afkomst (ongeveer 90%). Het aantal overnachtingen van buitenlandse bezoekers is sterk afgenomen (Sijtsma et al. in press). In 1998/1999 werden nog 1,7 miljoen overnachtingen van buitenlandse gasten vastgesteld, maar dat aantal is gedaald tot 1,1 miljoen in 2009 en 1,0 miljoen in 2012 (bron: CBS). Het toegenomen toerisme in het concurrerende kustgebied van de Oostzee in Duitsland blijkt verband te houden met het afgenomen aantal bezoeken van Duitse toeristen aan de Nederlandse waddeneilanden*. Het aandeel buitenlandse toeristen nam af van 30% eind jaren negentig tot 22% recent (bron: GENISIS databank).

Het duiden van de precieze economische omvang van de toeristische sector is lastig, omdat deze sector sterk verweven is met andere sectoren. De toeristische sector kan zowel ´smal´ als ´breed´ benaderd worden. Als smalle afbakening kan de logiessector worden gebruikt. Deze omvatte in het waddengebied 2573 banen in 2010, 3,6 % van de totale Nederlandse werkgelegenheid in logies in dat jaar (Daams & Sijtsma 2013). Een brede definitie van de toerismesector is de Landelijke Standaard Recreatie en Toerisme. Deze weegt ook aan toerisme gerelateerde werkgelegenheid mee in de berekening van de banenomvang van de toerismesector. Cijfers van de logiessector zijn het best geschikt om aan te geven waar werkgelegenheid, gerelateerd aan toerisme, is gelokaliseerd binnen het waddengebied. Zo blijkt uit deze cijfers dat de eilanden meer gespecialiseerd zijn in toerisme in vergelijking met het vasteland. De logiescijfers brengen ook verschillen tussen eilanden aan het licht (Sijtsma et al. 2012).

Om het belang van toerisme voor de regionale economie te begrijpen, zijn gegevens over de werkgelegenheid van cruciaal belang. Deze worden beheerd door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) en het LISA werkgelegenheidsregister. Hiermee kunnen ontwikkelingen gemonitord worden in werkgelegenheid in de logiessector, de horeca of andere aan toerisme gerelateerde bedrijvigheid. Deze bedrijvigheid kan zowel direct als indirect aan toerisme gerelateerd zijn (Daams & Sijtsma in prep.).

* In themadossier Economische sectoren worden jaarlijkse panelbijeenkomsten van bij het waddengebied betrokkenen voorgesteld, die (oorzaken van) relatieve verschillen in concurrentiekracht aan het licht kunnen brengen, onder meer op het vlak van toerisme.

Activiteiten

De bezoekers aan het waddengebied ondernemen een breed scala aan toeristische activiteiten. Ze vinden deels binnendijks plaats (zowel eilanden als vasteland) maar vooral ook buitendijks aan de wadoevers, op het water en op de wadplaten, hier verder aangeduid met ‘het natte wad’.  In dit themadossier staat het natte wad versus recreatie centraal.

Varen met zeil- en motorboten of kano’s is populair. Het aantal vaarbewegingen is de afgelopen 25 jaar verdubbeld en neemt nog steeds toe. Het gaat veelal om langzame vaart waarbij met eb soms wordt drooggevallen op wadplaten en wandelingen over het wad plaatsvinden. Locaties waar dit vaak gebeurt, zijn de Richel, de oostpunt van Terschelling, het Oerd, de Engelsmanplaat, de oostpunt van Schiermonnikoog en Simonszand. De belangstelling voor snellere vormen van waterrecreatie neemt toe. Snel varen is alleen toegestaan in een aantal hoofdgeulen en een snelvaargebied bij Oudeschild (ook voor waterskiërs, waterscooters etc.). Een andere, in populariteit sterk toegenomen recreatieactiviteit, is kitesurfen. Hiervoor zijn enkele locaties aangewezen aan de wadzijde van Texel, Terschelling en Ameland, bij Harlingen, het Lauwersmeer (Hoek van de Bant) en bij Delfzijl en Termunterzijl. Daarnaast vinden in het waddengebied georganiseerde vaartochten en zeilwedstrijden plaats.

Ecotoerisme staat eveneens in de belangstelling. Vanuit diverse locaties, vooral in het oostelijk waddengebied, worden wadlooptochten en excursies georganiseerd. Per jaar nemen duizenden mensen hieraan deel. In (vooral) de westelijke Waddenzee vinden boottochten plaats tot dicht bij ligplaatsen van zeehonden. Visexcursies worden soms gecombineerd met wadlopen of robbentochten. Op of nabij de oevers van de Waddenzee spelen recreatievormen als buitendijks fietsen en wandelen mee. Strandrecreatie vindt plaats op kunstmatige stranden langs de waddenkust bij Oudeschild, Harlingen, Delfzijl en Termunterzijl. Verspreid over het waddengebied, maar in het westelijk deel ten zuiden van de eilanden of vanaf de vaste wal, gaan toeristen (en lokale bewoners) voor eigen gebruik pieren steken. Daarnaast worden ook schelpdieren geraapt en zeekraal gesneden. (Rijkswaterstaat 2014).

Natuurwaarden

Mede door het mooie landschap en de natuur, zowel binnendijks als buitendijks, is het waddengebied aantrekkelijk voor toeristen. Het is het grootste aaneengesloten natuurgebied in ons land en vormt, samen met het waddengebied in Duitsland en Denemarken, één van de belangrijkste natuurgebieden in Europa. Zowel delen van de eilanden als het buitendijkse terrein zijn aangewezen als Natura 2000 gebied. Het natte wad is zeer belangrijk als pleisterplaats en overwinteringsgebied voor 10 tot 12 miljoen watervogels. Tevens is de Waddenzee een belangrijk broedgebied voor ongeveer 35 soorten watervogels. Voor veel soorten broedvogels, doortrekkers en overwinteraars zijn daarom Natura 2000 doelstellingen geformuleerd. Daarnaast is het gebied van belang voor de gewone en grijze zeehond die tegenwoordig populaties kennen van rond 7000 resp. 3000 dieren. Zij gebruiken de zandplaten als rustgebied bij laagwater. Ook voor deze onder de Habitatrichtlijn beschermde soorten zijn Natura 2000 doelstellingen opgesteld.

Zoals in meer gebieden met hoge natuurwaarden en tegelijkertijd veel menselijke activiteiten, kunnen drukfactoren de vitaliteit van populaties aantasten (Van Kleunen et al. 2007). Recreatie vormt in de Waddenzee één van deze drukfactoren. Zo kunnen recreatievormen verstorend werken op vogels en zeehonden (Brasseur & Reinders 1994, Krijgsveld et al. 2008, Steven et al. 2011). Om te voorkomen dat recreatie de vitaliteit van populaties zeehonden en vogels aantast, waaronder in aantal afnemende soorten (Van der Jeugd et al. 2014), is het belangrijk dat eventuele knelpunten in beeld worden gebracht. Onderstaande afbeelding is een globaal overzicht zonering recreatievormen in de Waddenzee. klik op de afbeelding voor de legenda.

Beleid en Kennis

In diverse beleidskaders en kennisprogramma’s bestaat er aandacht voor de betekenis van het waddengebied voor toerisme en de relatie met (bescherming van) natuurwaarden. Onderstaand een overzicht.

Beleid en kennisprogramma’s Omschrijving
De Derde Nota Waddenzee Is gericht op het beheersbaar maken en houden van het recreatief medegebruik en het ontwikkelen van duurzame vormen van recreatie. De natuurlijke draagkracht van het gebied vormt het uitgangspunt. Voor het recreatief medegebruik geldt een zonering, waarbij verstoringsgevoelige gebieden worden ontzien. Voor veel ontwikkelingen op en om de Waddenzee geldt, dat de wet- en regelgeving op het gebied van natuurbescherming een meer sturend karakter heeft dan andere wet- en regelgeving, zoals op het gebied van de ruimtelijke ordening.
Natuurbeschermingswet uit 1998
Natura 2000 beheerplannen
Speelt een centrale rol op grond waarvan de Waddenzee, de Noordzeekustzone en delen van de eilanden (de duingebieden) zijn aangewezen als Natura 2000-gebieden. Hiervoor worden beheerplannen opgesteld, waarin aangegeven welke activiteiten wel en niet mogelijk zijn in en rond die gebieden. Voor een gedetailleerd overzicht van recreatievormen en voorwaarden waaronder ze mogen plaatsvinden, wordt verwezen naar de relevante Natura 2000 beheerplannen.
Erecode voor Wadliefhebbers
Wadloopconvenant

Het waddenbeleid voor recreatief medegebruik, zoals recreatievaart en wadlopen, is in diverse convenanten geconcretiseerd. Het Waddenbeleid voor recreatief medegebruik, zoals recreatievaart en wadlopen, is in diverse convenanten geconcretiseerd. Belangrijk in dit verband zijn de Erecode voor Wadliefhebbers, het Wadloopconvenant, de Erecode Droogvallers en het Convenant Vaarrecreatie Waddenzee (inclusief Pact van Rede).
Actieplan voor Vaarrecreatie op de Waddenzee In 2013 is een actieplan voor Vaarrecreatie op de Waddenzee opgesteld dat wordt ondersteund door alle belangengroepen. Het plan is gericht op een evenwicht tussen natuur en vaarrecreatie in de Waddenzee. Naar aanleiding hiervan is – na het opstellen van dit themadossier – een monitoringplan uitgewerkt om de effecten van recreatie op vogels en zeehonden in beeld te brengen.
Rust voor vogels – Ruimte voor mensen In 2014 is door Vogelbescherming Nederland en diverse natuur- en landschapsorganisaties het project Rust voor vogels – Ruimte voor mensen gestart. Op specifieke locaties in de Waddenzee worden omstandigheden voor kustbroedvogels verbeterd en wordt tegelijkertijd duurzaam toerisme gestimuleerd.
Duurzaam Toerisme Strategie Belangrijk voor het internationale Waddengebied is het nieuwe actieplan van Prowad en de UNESCO werelderfgoedeisen.
2010 Communication on Tourism
Rolling Implementation Plan 
European Regional Development Fund (ERDF)
European Social Fund (ESF)
Relevante EU beleidskaders en andere EU beleidsmaatregelen en programma’s die van invloed op toerisme zijn.
Informatiebehoefte